
Vandaag op VRT nieuws: “Bijna 3 mensen per week betrokken bij ongevallen met speed pedelecs in Gent”. Zulke absolute cijfers zeggen uiteraard vrij weinig. De reporter geeft prijzenswaardig aan dat een stijgend aantal gebruikers ook leidt tot meer incidenten en is voorzichtig met al te grote uitspraken, maar laat toch nog wat ruimte voor speculatie en iets te weinig voor nuance.
Sommige reporters laten zich echter verleiden tot creatievere omgang met data en zoeken bewust de sensatie op. Zo berichtte DPG media enkele jaren geleden nog over “10 keer meer speed pedelecs, 20 keer meer ongevallen”. In realiteit ging het over een bescheiden ongevallengroei van 4%, dit terwijl de groep gebruikers explosief aangroeide met onervaren nieuwkomers. Ondertussen was het kwaad wel geschied in de hoofden van de bevolking.
Goede bedoelingen of niet, voor zowel ‘riooljournalistiek’ als kwaliteitskrant geldt: elke reporter moet een afweging maken tussen laagdrempeligheid, volledigheid en eigen inspanning. Hierbij helpt het echter niet dat veel data over de speed pedelec vandaag nog ontbreekt.
Ook voor netwerk Speed Pedelec Vlaanderen is relevante data niet gemakkelijk te achterhalen. Hoe zit het met het aantal ongevallen per capita én per km? Hoe verhoudt zich dat tegenover de wielertoerist? Hoeveel ongevallen zijn het gevolg van aanrijdingen door onoplettendheid van zwaar verkeer en hoeveel ongevallen zijn een rechtstreeks gevolg van snelheid? Welke rol spelen de jaarlijks tienduizenden nieuwe speed pedelec fietsers in deze ongevallencijfers? Weegt het risico op een gebroken arm op tegen gezondheidstoestand op de lange termijn? Enzovoorts.
Veel vragen, weinig antwoorden. We ijveren voor meer onderzoek en funderen onze adviezen op gegevens die wel beschikbaar zijn. Gelukkig versterken deze momenteel nog de overtuiging dat we moeten blijven investeren in de stimulatie van de overstap naar de snelfiets.